Waarom echt vernieuwen moeilijk is

O het was zo gaaf. Begin oktober stond ik in Den Haag om mijn nieuwe product ‘De Online Schuldencoach’ te pitchen. Zo spannend, voor het eerst mocht ik vertellen over mijn nieuwe idee. In vier minuten. Voor een volle zaal. En een jury. In het Engels. Over out-of-my-comfort-zone gesproken, hier kan ik weer even op teren 🙂

Ik ben zacht uitgedrukt niet de enige die bezig is met vernieuwende ideeën naar oplossingen om mensen met schulden beter, eerder en sneller van dienst te zijn. Er is ongetwijfeld nagenoeg geen gemeente te vinden die niet met een project, pilot of samenwerking bezig is om te zorgen voor betere dienstverlening.

Hoe komt het dan, dat er zoveel initiatieven zijn, maar dat deze zelden worden opgeschaald? Waarom vinden alle gemeenten zelf opnieuw het wiel uit? Waarom wil ik ook zo nodig daar nog eens een schepje bovenop doen? Omdat we altijd denken dat we het zelf beter kunnen. Dat het met onze aanpak wel gaat lukken mensen eerder te bereiken, beter te helpen, we sneller kunnen zorgen dat schulden worden opgelost.

Is dat erg? Ja en nee. Ik denk dat het hartstikke goed is dat iedere gemeente zoekt wat past en kijkt wat in haar situatie en met haar mensen en capaciteit mogelijk is om te veranderen. Om te verbeteren. Om vooruit te willen, met de tijd en ontwikkelingen mee te gaan. Een mooi en nodig streven. Want schuldhulp kan echt nog veel beter.

En ook nee. Want waar lokale initiatieven succesvol blijken te zijn, vinden ze weinig navolging. Soms wordt er nauwelijks gemeten wat eigenlijk echt het effect is. Of mensen er uiteindelijk wel echt zoveel beter door geholpen worden. Lijkt het meer te gaan om mee te doen met de vernieuwingsdrang, dan om echt iets te willen betekenen voor mensen die het moeilijk hebben. Dat is de frustratie van veel innovaties. Of het werkt of niet, het is heel moeilijk om op te schalen. Bewezen effectief wil nog niet zeggen dat er navolging komt.

Daar wringt iets. Daar zouden gemeenten echt wel wat meer op gewezen mogen worden. Ga aan de slag met vernieuwing, maar begin bij het begin: welk doel heb je hiermee voor ogen? Wil de wethouder graag ‘scoren’ met een verheffend nieuw idee, of zit er een bevlogen teamleider die van de hoed en de rand weet en die soms met kleine veranderingen of samenwerkingen een groot verschil weet te maken. Dan naar de uitvoering. Ook zo belangrijk: zoek de juiste intentie, de juiste mensen, de juiste partners. Maak een plan. En ga meten. Zodat je ook effect kan laten zien. Of niet. Maakt uiteindelijk niet eens uit. Van een niet gelukt project valt ook veel te leren. Niet iedere innovatie zal leiden tot succes.

Wat ik wil is dat we de mooie innovaties in de schuldhulp met iets meer bedachtzaamheid gaan aanvliegen. Om de kans op succes te vergroten. En dan hopelijk, de mogelijkheden om op te schalen ook veel beter kunnen gaan benutten.

Met De Online Schuldencoach ben ik vorige week echt gestart. Het is echt heel gaaf om te zien hoe een idee zich ontwikkeld tot een waar product. Wat het effect zal zijn, weet ik over twee maanden. Of dat nu mooie uitkomsten zijn of toch niet: alle energie, inspiratie en samenwerking tot nu toe heeft me al eindeloos veel opgeleverd. Die echte innovatie in de schuldhulp gaat er wel komen, laten we elkaar iets meer opzoeken om samen te leren en te onderzoeken wat echt werkt voor mensen om hun schulden vlot, vroegtijdig en zo eenvoudig mogelijk op te lossen. Mooie gezamenlijke missie!

Dus, als je de mogelijkheid hebt: steun nieuwe initiatieven, denk mee, zoek waar je in gelooft en waar je vanuit jouw organisatie kunt bijdragen. Alleen dan zorgen we er voor dat mooie nieuwe initiatieven ruim baan krijgen om echt succesvol te worden.

Meer lezen? Je eigen idee uitvoeren

Advertenties

“Waar doet ze het van?”

De afgelopen weken draaide ik volop mee in spreekuren over persoonlijke financiĂ«n. Ik sprak een mevrouw die haar pensioen vervroegd wilde laten ingaan omdat ze het zware werk in de schoonmaak niet meer volhield. Ook was er een man die zijn groentewinkel moest sluiten en waarvan de auto werd verkocht voor een tiende van de waarde. En ook luchtiger onderwerpen kwamen ter sprake, zoals de schoonheidsspecialiste die net gestart is als zelfstandige en op weg geholpen wil worden met haar boekhouding en fiscale mogelijkheden. Zo volop in andermans financiĂ«n duikend, ging ik ook eens nadenken over mijn eigen manier van rondkomen. Een inkijkje in het hoofd en het budget van de schuldencoach 🙂

Ik ben zelf best goed in geld uitgeven. Ik ga graag uit eten, ben dol op vakanties, koop met regelmaat een nieuwe jurk of nieuwe schoenen. Hoe kom ik zelf eigenlijk rond?

Het begint met een maandbegroting

Aan het begin van het jaar maak ik een begroting. Dat doe ik door van 1 maand alle inkomsten en uitgaven op een rijtje te zetten. Door van de afgelopen drie maanden mijn bankmutaties door te nemen, krijg ik alles wel in beeld. Dan haal ik de uitgaven af van de inkomsten, deel dat door 4,333 en zo weet ik wat er per week over is voor boodschappen en andere uitgaven. Dat geeft voor mij al een aardig inzicht in wat ik wekelijks te besteden heb. Iedere maand (nou ja, in principe…) kijk ik mijn bankmutaties terug, of er nog rare uitgaven tussen zitten, of dat er afschrijvingen tussenstaan die ik niet kan thuisbrengen.  

Laat ik eens nagaan wat ik daarnaast zelf doe aan besparen. Dat is misschien niet zo veel als handig zou zijn, maar wie weet zitten er een paar tips bij die je kunnen helpen.

Ik kan niet roodstaan bij de bank

Ik kan niet rood staan op mijn rekening. Soms best pittig aan het einde van de maand, want redelijk gĂȘnant als ik mijn boodschappen niet kan pinnen, maar dat gebeurt gelukkig zelden. En ik heb een tweede rekening, dus die kan ik dan als back-up gebruiken. En het helpt mij om even na te denken voordat ik wat uitgeef hoe nodig ik het vind.

Af en toe check ik overbodige terugkerende kosten

Voor ik het weet, heb ik drie tijdschriften en een krant die ik te weinig lees. Netflix kan na de winter wel een paar maanden eruit (O nee, want oma kijkt inmiddels mee). Spotify kan ik eigenlijk ook best luisteren met advertenties tussendoor (en dus gratis, in plaats van € 10 per maand).

De zorgverzekering – overstappen is dus echt supersimpel

Jarenlang zat ik bij dezelfde verzekeraar. Overstappen leek me zo’n gedoe. Tot ik twee jaar terug ben geswitcht. Met een paar klikken zat ik bij een andere verzekeraar. Inclusief mijn kinderen die op mijn polis zijn meeverzekerd. En alle zorgaanbieders hebben direct zicht op de ziektekostengegevens, dus ik hoef ook niet steeds mijn nieuwe gegevens door te geven.

Energie aanbieders 

Regelmatig word ik gebeld om over te stappen van leverancier. Meestal maak ik er geen gebruik van, maar af en toe ga ik er wel op in. Ik weet niet of het me veel bespaart, maar ik heb in ieder geval niet het idee dat ik de hoofdprijs betaal (wat ik al die jaren ervoor volgens mij zeker wel heb gedaan).

Lekker fietsen

Ik zal niet zeggen dat ik mijn laatste opdracht er speciaal op uitgekozen heb, maar wat was het heerlijk om op de fiets naar mijn werk te kunnen. Dit is mijn persoonlijke ‘winstpakker’. Ik ga eigenlijk altijd, als het maar enigszins mogelijk is, met de fiets. Ik heb acht jaar geleden behoorlijk wat geld uitgegeven aan een echt goede fiets. Ik zie het als een investering, want inclusief de kosten voor de jaarlijkse onderhoudsbeurt, heb ik deze kosten er allang uit. Als ik me bedenk wat het me aan benzinekosten en treinkaartjes heeft bespaard. Om over de kosten van een vliegticket nog maar te zwijgen, want ik ga ook het liefst met mijn fiets op vakantie.

Niet zomaar sparen, maar doelsparen

Sinds kort heb ik een extra spaarrekening geopend. Ik wil heel graag op wereldreis (Ja, wie niet?). Alle extraatjes zoals een teruggaaf van de energie (Jippie! Lang leve de zonnepanelen op mijn dak) en als ik ineens wel een bedrag overhoud aan het einde van de maand, zet ik op deze rekening. Ook mijn Voorlopige Teruggaaf van de Belastingdienst gaat hier naartoe. En zo hoop ik over een paar jaar een mooie verre reis te kunnen maken. De rekening heet ook echt ‘wereldreis’, en ik merk dat het mij extra motiveert om alle extraatjes opzij te zetten. 

Superleuk, zo even mijn eigen budgetcoach zijn. Voor alle professionals in de financiële hulpverlening een mooie opdracht. En het helpt ook nog eens om dichter bij je klant te komen, want uiteindelijk hebben we allemaal min of meer dezelfde wensen en dromen en willen we dat het financieel liefst mee in plaats van tegen zit.

Reageer vooral als je wilt met je eigen handige tips en voorbeelden. 

 

Je eigen idee uitvoeren

Je hebt het ongetwijfeld ook wel eens. Dat je denkt:”Dat kan ik beter!”. Of:”Waarom is daar nu eigenlijk geen oplossing voor?” Meestal fiets je door, of ga je verder met de was opvouwen, of scroll je verder door je inbox.

Maar soms blijft zo’n idee hangen. Komt het steeds weer terug. In plaats van vage vormen, begint er iets van een contour te verschijnen. Komt er kleur bij. Wordt het een soort van verhaal. Of meer zelfs, een aantal beelden en gedachten achter elkaar geplakt.

En dan, met een biertje erbij, hoor je jezelf het ineens uitspreken. Je plan. Je idee. En het klinkt eigenlijk best oké. En ja, als je er nog eens wat langer over nadenkt, het lijkt je eigenlijk hartstikke leuk, om het uit te proberen. Of het werkt. Dus je schetst eens wat, zodat anderen ook iets meer een indruk krijgen van die eerste gedachten.

En ja, als je er nog eens wat langer over nadenkt, het lijkt je eigenlijk hartstikke leuk, om uit te proberen of het echt werkt!

Dan ga je het uitwerken. Uitdenken, uittekenen, opschrijven. En heel voorzichtig eens rondvragen hoe dat nu gaat, als je het echt wilt gaan uitvoeren. Is dat wel reëel? Hoeveel tijd gaat het vragen, hoeveel investeringen heb je nodig? En dan, voor je het weet, zit je er middenin. En wil je niet meer terug. Een plan in uitvoering. Aan de slag. Tekenen, bouwen, schrijven, schrappen, testen, checken, vragen, praten, alle tijd slokt het op.

Maar je kan niet anders, want je bent zelf razend benieuwd wat het gaat worden. Je gaat er echt in geloven. Anderen worden ook enthousiast, ze zien het (of niet, even goede vrienden), ze denken met je mee, ze geven tips, kennen daar nog wel iemand die…

En dan is ‘ie er. Zo goed als klaar. Dat wil zeggen, de eerste versie is af. Het echte testen kan gaan beginnen. Mensen geven zich vrijwillig op om mee te doen. Het is superspannend, maar alleen al de hele weg om hier te komen maakte het meer dan de moeite waard.

Geen wonder dat er zoveel ‘start-ups’ zijn. Het is echt te gek om je eigen idee geboren te zien worden. Om je eigen plan uit te werken tot een echt product.

Mijn eigen online programma, met mijn eigen online academie. Komende week mag ik het zelfs pitchen in Den Haag. Alleen al in deze finale te mogen staan, tussen alle andere innovators, maakt dat ik me een winnaar voel.

Dit had ik me een jaar geleden niet kunnen bedenken. En nu is het dan zover. Mijn eigen nieuwe bedrijf. Online dienstverlening om mensen uit de schulden te helpen.

Ontzettend veel dank aan al die mensen die me hebben geholpen met advies, met praktische tips, met tegenspraak (ook belangrijk!) en met waardering en mooie woorden.

Weet dus, dat het kan: de volgende keer als jij op de fiets zit en denkt:”hee, dit kan toch beter?!” misschien ook de tijd nemen om er echt eens bij stil te staan, en te dromen welke gevolgen een idee allemaal kan hebben.

Mooi weekend gewenst!

 

Liselotte

De Online Schuldencoach

Ode aan de schuldhulpverlener

Het is zomer. En dat heerlijke weer stemt vrolijk. Ik mag dan een positief kritische instelling hebben, ik ben zeker niet te beroerd om een welgemeend compliment uit te delen. Want waarom zou iemand in hemelsnaam schuldhulpverlener willen worden? Het vraagt een enorme berg competenties: juridische kennis zoals het gewijzigd huwelijksvermogensrecht sinds januari 2018; financiële kennis, zoals de berekening van het vrij te laten bedrag in elke denkbare woonsituatie; communicatieve vaardigheden om met een enorm diverse doelgroep een bereidwillige samenwerkingsrelatie tot stand te brengen; onderhandelingsvaardigheden, om die ene weigerachtige crediteur alsnog over de streep te trekken en last but not least de leidinggevende, voor wie de caseload altijd wel wat voller kan, de gesprekken wat korter, de hulp wat beknopter en de doorlooptijd wat beperkter. What on earth was de schuldhulpverlener thinking toen hij solliciteerde?! 

Werkelijk iedere schuldhulpverlener die ik spreek, werkt vanuit zijn oprechte betrokkenheid bij het wel en wee van zijn medemens. Met de insteek om degene die het op dat moment wat minder heeft, een stap vooruit te helpen.  Met begrip voor iemands situatie, interesse voor de omstandigheden, en praktische tips om op te klimmen uit het schuldendal. Desondanks haken veel mensen met schulden af. Ergens gaandeweg de rit voelen ze zich toch niet gehoord, zijn ze bij de schuldhulp toch niet op hun plek of schamen zich alsnog omdat ze weinig actie ondernemen om op te krabbelen. 

En de schuldhulpverlener? Die laat het er niet bij zitten. Belt, mailt, belt nog eens, en pas als er echt geen contact meer volgt, laat hij de zaak rusten. Totdat de klant zich opnieuw meldt. En gaat dan opnieuw geduldig weer van voren af aan aan de slag. Waarom? Omdat het misschien niet altijd lukt, maar omdat er ook dat verhaal tussenzit van die vrouw die zo dankbaar is dat ze uiteindelijk haar leven weer op de rit heeft gekregen. Die man die na jarenlange ellende eindelijk weer rust heeft nu er een regeling loopt met zijn schuldeisers. Dat zijn de kleine pareltjes van de schuldhulpverlener. 

Wat ongelooflijk mooi.

We kennen geen schuldhulpverlener-van-het-jaar verkiezing, hoeft ook niet, maar het zou mooi zijn om alle schuldhulpverleners eens in het zonnetje te zetten. Voor nu vast een klein beetje extra zon voor jullie. Fantastisch dat jullie dit doen. Chapeau.

Meer lezen?

De online schuldencoach

Als ik de baas zou zijn 🙂

Maak kennis met Wim

Geef je klant eens een knuffel

Als ik de baas zou zijn :)

Stel, je loopt al een jaar of veertig rond op deze aarde. Dan ken je ongetwijfeld dat liedje van Kinderen voor Kinderen:”Als ik de baas zou zijn van het Journaal
” Daar denk ik regelmatig aan. Wat nu, als ik de baas zou zijn van de schuldhulp in dit land. Hoe zou ik het dan doen? Want ik kan natuurlijk wel vrolijk meegaan in de stroom van negatieve berichten over schuldhulp, maar dat alleen is wat al te gemakkelijk. Dus denk ik na hoe ik dat nou zou doen. En dan vraag ik me af, hoe ik zelf geholpen zou willen worden. Want dat is een passende standaard. Nou dat wil ik om mee te beginnen wel uit de doeken doen.

Ik wil vooral vlot geholpen worden. Duidelijk, eenvoudig en snel.

Ik stap binnen bij een organisatie. Dan wil ik daar eerst een kop goede koffie. Uit een stenen kopje. Uiteraard ben ik ruim op tijd voor mijn afspraak, dus ik zit nog tien minuten te wachten. Dat is het prettigst als ik uit een stapel recente tijdschriften kan kiezen. In plaats van een halfleeg tijdschriftenrek met twee overjarige overheids-folders met een stockfoto op de voorkant.

Zodra ik word opgehaald, wil ik graag een echt gesprek. Iemand die me aankijkt in plaats van een halve roman te typen achter zijn schermpje terwijl ik mijn verhaal aan het doen ben. Iemand die ook iets over zichzelf vertelt, zodat het een echt gesprek wordt, en geen interview.

Ook wil ik weten wat me te wachten staan. Wat ik wel en niet kan verwachten. En het zou mij persoonlijk trouwens weinig uitmaken hoe vaak ik moet langskomen, en zelfs niet of ik een vast contactpersoon heb. Ik wil vooral vlot geholpen worden. Duidelijk, eenvoudig en snel.

Hoe moeilijk is het om op die manier te werken? Echt luisteren naar de vraag van de klant. Niet betweterig een heel traject van stabiliteit en leerrijpheid aanbieden, maar gewoon hup aan de slag met het regelen van die schulden. U vraagt – wij draaien. Waarbij je lastige onderwerpen niet uit de weg hoeft te gaan. Als dat huis echt te duur is om te blijven wonen, is dat een keus van de klant om te maken. Die vervolgens kan beslissen om uit het traject van schuldhulp te stappen als hij daar nog niet klaar voor is. Maar vooral geen betutteling. Er van uit gaan dat de klant zelf heel goed weet wat hij wil. En wat goed voor hem is. En wat hem echt gaat helpen.

Ben razend benieuwd wat daar uit zou komen. Ik las vandaag over online schuldencoaching bij de Kredietbank Nederland, waar klanten een ruime 9 geven aan de coaches. Dat is toch fantastisch?! Het is voor het eerst dat ik zo’n hoge klantwaardering tegenkom in de schuldhulp. Of misschien wel dat ik ĂŒberhaupt iets aan klantwaardering tegenkom in de schuldhulp 🙂 Ik ben ontzettend benieuwd wat hier de ‘secret ingredients’ zijn geweest. Ik wil best raden.

Lees ook mijn eerdere blog: Over hoge en lage mensen

Maak kennis met Wim

Als kind wilde ik stiekem een beetje Brigitte Kaandorp zijn. Optreden, mensen laten lachen, leek me heerlijk. Al haar liedjes kon ik meezingen. Laatst hoorde ik het heerlijke ‘Ik heb een Heel Zwaar Leven‘ op mijn podcast. De tranen liepen over mijn wangen. Hoe herkenbaar. Natuurlijk niet van mezelf 😉

Het deed me denken aan Wim. En iedere schuldhulpverlener en bewindvoerder kent ongetwijfeld ook een Wim. Want Wim is iemand die problemen aantrekt. En geen idee heeft hoe dat komt. Wim begroet je in eerste instantie allervriendelijkst. En als Wim vervolgens de gelegenheid krijgt zijn verhaal te doen, gaat ‘ie los. Want alles wat Wim vertelt, ademt jarenlange frustratie uit. Op zo’n moment voel ik dan de ademhaling hoog in mijn keel. Dat is wat Wim met mij doet.  Wim ziet dat niet, want hij zit vol in zijn verhaal. Onderkoeld, met een soort humor die niet de mijne is, probeert hij laconiek uit te leggen dat hij best Een Heel Zwaar Leven heeft.

Het komt er dan na pakweg drie kwartier op neer, dat de hele wereld tegen hem is. Dat het hem een raadsel is hoe dat komt. Maar dat hij een ding heel zeker weet: dat Wim zoveel schulden en zorgen heeft en er maar geen oplossing voor komt, ligt aan alles en iedereen om hem heen, maar niet aan Wim zelf, gelukkig.

En waarom heb ik nu zo’n moeite met Wim? Omdat ik er niet tegen kan als je niet je eigen verantwoordelijkheid neemt. Ik zou dus willen zeggen: “Kom op Wim, geef jezelf een schop onder je kont en stop met huilen, werk aan de winkel!” En ik zeg niet dat het makkelijk is, en ik zeg niet dat er geen tegenslag zal komen. En dat ik me kan voorstellen dat er af en toe een dag is dat je niet onder de dekens vandaan wilt komen. Maar daarna is het tranen drogen en weer doorgaan.

Die trap onder de kont, die mogen we mensen soms best wat meer geven. Want daar begint het, bij iemand die tot Wim doordringt en zegt:”Stop ermee, zo kan het niet langer!” En als Wim dat beseft, dat het echt bij hem vandaan moet komen. Dan kunnen wij, de schuldhulpverleners, pas echt aan de slag. Tot die tijd is er met Wim niet zoveel te beginnen.

Dit is wat ik wil doen. Mensen laten zien dat zij de sleutel zijn om uit de schulden te stappen. Niemand anders, het begint echt helemaal bij jezelf. Als je dat ziet, is er vervolgens volop hulp voor handen. Hulp die beklijft, die echt iemands leven kan veranderen omdat het aankomt. Omdat iemand zelf wil.

Wat een gemiste kans dat hier in de actieplan brede schuldenaanpak over de ‘brede schuldenaanpak’ van de coalitie niets over in staat. Want het begint echt altijd bij de mensen zelf. Al het andere is pleisters plakken. Nuttige pleisters, maar plakwerk.

Hoe moet het verder met bewindvoering?

Ik zit op de boot naar Terschelling. Komende week uitwaaien op het strand, fietsen door de duinen en even afstand van alles. Op de boot begint het al, vakantiegevoel, heerlijk!

Deze week zetten Nieuwsuur en De Groene Amsterdammer negatieve ervaringen van mensen die onder bewind staan in de spotlights. Verhalen van mensen die van de regen in de drup zijn beland, vragen van mensen met schulden over de manier waarop de bewindvoerder handelt, of niet reageert op vragen en verzoeken.

Wat mij opvalt aan de reacties uit de beroepsgroep, is dat wat ik hoor en lees, alleen uit verdedigen bestaat. “De journalist heeft er niets van begrepen”, “Het gaat om een paar incidenten, is wel onderzocht hoeveel er wel goed gaat?!” “Mensen klagen nu eenmaal altijd.” Waarom zo verdedigend? Ik denk dat er waardevolle lessen te leren zijn uit de ervaringen, het onderzoek en de conclusies.

Neem klachten op zijn minst serieus

Allereerst mogen ‘we’ echt wel eens leren om te luisteren naar onze klant. En daarmee bedoel ik dan onze echte klant, diegene met schulden die onder bewind wordt gesteld. Want ook al zit er aan zijn verhaal uiteraard ook een andere kant, het is wel een ervaring. En dat iemand boos is, of teleurgesteld, is ongetwijfeld niet altijd te voorkomen, maar het is wel erg illustratief dat in de reacties nauwelijks iets van begrip doorsijpelt. Neem klachten op zijn minst serieus, er valt zoveel uit te leren.

Zorg voor een ruimhartige mogelijkheid voor een oplossing

Wat ik me niet kan voorstellen, is dat er ineens zoveel meer mensen niet zelfredzaam zijn. Hier kunnen ook gemeenten lering uit trekken. In plaats van als een slachtoffer te laten weten dat zij nauwelijks iets kan doen aan de toename van beschermingsbewind, kan zij wel degelijk kijken naar haar eigen rol in de uitvoering van schuldhulp. Als die met aandacht voor de individuele situatie van de klant wordt uitgevoerd, door een professional met betrokkenheid en inlevingsvermogen, zal beschermingsbewind lang niet altijd nodig zijn. Sterker, ik verwacht dat het vaak voortkomt uit luiheid en een gebrek aan creativiteit van de gemeente (of wie dan ook verantwoordelijk is voor het opzetten van adequate schuldhulp in de woonplaats), waardoor zo belachelijk veel mensen richting beschermingsbewind worden geleid. Er is echt veel aan te voorkomen, door aan de voorkant ruimhartig te zijn in het helpen van mensen om ze op de rit te krijgen of te houden.

Onderzoek andere manieren van toezicht

En ook interessant is de opmerking dat de rechtbank er is als geschiloplosser en niet als toezichthouder. Daar schreef ik al eerder over, ik zie een organisatie die, laat ik het zo verwoorden, niet op haar sterkst is bij toezichthoudende zaken. Dat zie ik zowel bij beschermingsbewind als bij Wsnp bewind.

En nu laat ik het los en is het tijd voor mijn vakantiegevoel. Met de wens dat iedereen die onder bewind staat, een luisterend oor vindt bij zijn bewindvoerder. Zeker in deze periode, met alle aanvragen voor een deel van het vakantiegeld voor de boeg. Zet ‘m op.

 

Groet!

Liselotte Maas

De schuldencoach

Geef je klant eens een knuffel

Vandaag deel ik mijn column die eerder verscheen in het Tijdschrift voor Schuldsanering. Omdat ik vind dat het in de schuldhulp vaak teveel gaat over het juridisch inhoudelijke deel van het oplossen van schulden, en dat wat het doet met mensen nog niet voldoende belicht wordt. Dat is wat ik wil laten horen. Dat is waar ik van overtuigd ben dat nodig is om toe te voegen aan goede hulp bij schulden. Daarom mij pleidooi voor een free hug voor iedereen met schulden 🙂

TvS_2018_pagina_20

Groet!

Liselotte Maas

 

fotografie Jade de Kort

De weeffout in de Wsnp

Het is bijna twintig jaar geleden dat ik als stagiair reikhalzend uitkeek naar de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen die in aantocht was. Na een jarenlange voorbereiding eindelijk een wet die het mogelijk gaat maken dat er voor iedereen met schulden een oplossing komt. Twintig jaar later is dat doel niet bereikt.

De afgelopen maanden ben ik samen met een groepje Fijne Mensen op ontdekking gegaan naar wat nu de ideale route in de schuldhulp is. Heerlijk om met mensen van een afstandje terug te kijken. Even afstand van de waan van de dag. En wat hoor ik dan? Ik hoor dat degenen met schulden vooral iemand willen die naar hen luistert, die er voor hen is. En ik hoor dat de schuldhulpverlener graag voldoende tijd heeft voor zijn client. En de ruimte krijgt om zijn rol zo in te vullen als hij of zij denkt dat goed is. En dat kan in iedere situatie net even anders zijn.

Wow, dat is eigenlijk wel interessant. Al klinkt het nogal voor de hand liggend. Want wat gebeurt er als iemand zich tot de Wsnp wendt? Een rechter en een bewindvoerder Wsnp blinken doorgaans niet uit in hun empathische vermogens. “Dat is ook niet onze taak, wij zijn toezichthouder”. Kijk, en daar gaat iets mis. Toezicht houden op de liquidatie van een BV klinkt logisch. Maar het toezicht houden tijdens een Wsnp traject heeft iets, iets, onnatuurlijks. Een ‘natuurlijk persoon’ is meer dan activa en passiva. Dit is Anton die geknakt is nadat hij zijn baan heeft verloren. En Erna die na een moeilijke scheiding opnieuw een bestaan probeert op te bouwen met haar twee kinderen. De rechter-commissaris ziet er op toe dat de sollicitatieplicht strikt wordt nagekomen. En de parttime baan die Erna heeft zodat ze haar werk kan combineren met de schooltijden van haar kinderen, kan leiden tot een einde zonder schone lei, want 36 uur werken is de norm. En die geldt voor iedereen. En Anton heeft een boedelachterstand, want de berekening van het vrij te laten bedrag bleek niet correct, daarom wordt er nu 300 euro van zijn vrij te laten vakantiegeld achtergehouden. Dit is niet de manier waarop Erna en Anton graag geholpen worden. Ze moeten wel, want de schulden voelen als een molensteen om hun nek. Maar dit is niet de hulp die ze nodig hebben.

En de professional? De schuldhulpverlener wil graag de tijd en ruimte die nodig is om zijn werk goed te doen. Dat is bij de bewindvoerder Wsnp al niet anders. Maar de bewindvoerder Wsnp heeft het niet zo voor het zeggen. De rechtbank bepaalt voor een groot deel het werkproces, de werkzaamheden, de grenzen van de verantwoordelijkheid van de bewindvoerder en de vervolg benoemingen. Niet echt veel speelruimte dus.

Mijn conclusie is dat het mooi is dat er een wet is gekomen die een schone lei mogelijk maakt, dat was destijds ook echt vernieuwend. Maar twintig jaar verder in de tijd past het om de rol van de toezichthouders te herzien. Erna en Anton willen graag van hun schulden af, maar verwachten ook dat er echt naar hun belangen wordt geluisterd en dat ze ook zelf inbreng mogen hebben in het verloop van hun saneringstraject.

 

Fotografie: Jade de Kort

Over hoge en lage mensen

Afgelopen weekend werd een video van Marianne Zwagerman honderdduizenden keren gedeeld op Facebook. Ze trekt daarin fel van leer tegen de term ‘lager geschoold personeel’. Dat we dat nooit meer gebruiken. En in plaats daarvan spreken over theoretisch en praktisch geschoolde mensen. Kijk vooral het prachtige en krachtige statement terug.

We snappen blijkbaar dat dit onderscheid niet oké is. Niet voor niets dat het zo ontzettend vaak is gedeeld en geliked en veel aandacht krijgt. Volkomen terecht. En wat kunnen we hier uit leren als we het doortrekken naar de schuldhulp? Naar mijn idee veel.

Ik denk dat veel, heel veel van de mensen met schulden, huiveren om contact op te nemen met de gemeente. Omdat je je dan mislukt voelt, minder dan degene aan wie je je hele ‘hebben en houwen’ moet gaan voorleggen. Dat je geen zin hebt dat er dan met een vingertje wordt gewezen op wat je misschien minder handig hebt aangepakt. Iedere schuldhulpverlener zal zeggen dat hij zo niet met zijn klanten omgaat. Dat hij respect heeft voor iedereen met schulden, en ze graag helpt. Dat zal ongetwijfeld waar zijn. Maar toch. Het voelt niet altijd zo aan ‘de andere kant van de tafel’. En daar zit ’t ‘m in.

“Mensen zijn huiverig om hulp te zoeken bij de gemeente, omdat ze bang zijn voor het opgeheven vingertje van de schuldhulpverlener.”

Om me heen en niet in de laatste plaats bij me zelf, sluipt het er toch in. Een grap van een collega naar aanleiding van een huisbezoek waar blijkt dat laten we zeggen niet alleen de administratie niet geheel op orde is. De vrouw die haar administratie jarenlang door haar ex-man heeft laten verzorgen, in de naar wat achteraf blijkt wat naĂŻeve veronderstelling dat de boekhouding er toch iets minder rooskleurig uitzag dan ze altijd voorgespiegeld kreeg. Het voedt je met onderhuidse gedachten dat ‘jij’ niet bent zoals ‘zij’. En daar gebeurt het. Dat gevoel neem je ook mee de spreekkamer in. Dat straal je uit als je tijdens een intake gesprek de aanvraag doorneemt en probeert te achterhalen wat hier speelt en waar behoefte aan is.

Een schuldhulpverlener kan zijn werk alleen goed doen, als hij het vertrouwen heeft van mensen. En dat vertrouwen dat kun je alleen maar verdienen. Dat krijg je niet bij het eerste gesprek zomaar mee. Iedere hulpverlener is gelijkwaardig aan de hulpvrager. Alleen met die houding kom je echt met elkaar in gesprek. En kun je de ander gaan helpen met het oplossen van zijn probleem. Dat is ontzettend moeilijk en vergt veel aandacht. Steeds weer opnieuw.

Laten we voortaan naast elkaar plaats nemen in de spreekkamer in plaats van tegenover elkaar, zodat het ‘ik zit hier’ en ‘jij zit daar’ verdwijnt. Zeker weten dat het tot mooie resultaten gaat leiden.